Dood hout

Levenscyclus bomen

Bomen doorlopen verschillende levensfase: eerst lengtegroei en later pas diktegroei. Bij een volwassen boom worden takken en bladeren in de kroon continu vervangen, maar blijft de kroon ongeveer even groot. De stam wordt uiteraard wel steeds dikker. Afhankelijk van de boomsoort kan deze fase tientallen of zelfs honderden jaren duren. Als de boom op een gegeven moment zijn gigantische kroon niet langer kan voorzien van voldoende water en mineralen, gaat hij op zoek naar een nieuw evenwicht. De buitenste takken sterven af en de boom begint de veteraanfase van zijn leven. Maar vergis je niet: de boom gaat niet onmiddellijk dood. Die laatste levensfase kan zelfs de langste zijn in het leven van een boom en kan opnieuw tientallen of honderden jaren duren. En net in die laatste levensfases wordt een boom ecologisch zeer interessant. Door de aanwezigheid van dood en rottend hout ‘boomt’ de biodiversiteit. En als de boom uiteindelijk toch sterft, blijft zijn rottende stam een waardevol biotoop vormen.

Dood en rottend hout

Dood en rottend hout is een voedselbron voor vele micro-organismen en ongewervelden, en vormt zo een uitzonderlijk belangrijke schakel in het bosecosysteem. Soms speelt slechts een deel van de levenscyclus zich af in of rond het rottend hout. Dat is bijvoorbeeld het geval bij veel doodhoutkevers, van wie de larven in het dode hout leven, maar de volwassen dieren van nectar leven. Ook holenbroeders en zoogdieren als vleermuizen en boommarters kunnen levende veteraanbomen en dode bomen als schuilplaats gebruiken. Ze doen dat in de boomholtes die ontstaan als het gevolg van houtrot. Zelfs sommige schimmels en korstmossen hebben een duidelijke voorkeur voor veteraanbomen.

Verscheidenheid en vooruitgang

Naarmate het dood hout verder verteert, ontstaat steeds weer een ander biotoop. Pioniers koloniseren heel snel vers dood hout, terwijl andere soorten pas helemaal op het einde komen, als het rottend hout bijna niet meer te herkennen is. Maar ook andere factoren spelen een rol: sommige beestjes hebben een voorkeur voor staand dood hout, andere dan weer voor liggend dood hout. Sommige leven enkel in rottend hout in levende bomen, voor andere is een dode boom even goed. Ook het formaat speelt een rol en de omstandigheden zijn belangrijk: dik, dun, nat, droog … Het is dus belangrijk om zoveel mogelijk vormen van dood en rottend hout terug te vinden in het bos. Maar er moet ook van elk type dood en rottend hout een min of meer constant aanbod zijn in de tijd. De ideale situatie is een mozaïek van alle verschillende types dood en rottend hout.

Meer dood hout

In een natuurlijk bos ontstaat spontaan dood hout: wind, veroudering, concurrentie … Als er amper dood hout in het bos aanwezig is, is het belangrijk om de natuur te helpen door bijvoorbeeld bomen die hun natuurlijke leeftijdsgrens hebben bereikt niet te kappen en natuurlijk te laten aftakelen. Ze hebben een hogere natuurwaarde dan bomen die ineens sterven door ze bijvoorbeeld om te zagen. Zo komen sommige zeldzame schimmels enkel voor in bomen die natuurlijk verzwakken en geleidelijk afsterven. Naarmate het proces trager verloopt, vind je op één boom meestal verschillende aftakelingsstadia met meer beestjes tot gevolg.

Een manier om het aandeel dood hout snel omhoog te krijgen is door bomen te ringen: rondom de schors, bast en cambium verwijderen tot op het hout. Daardoor stopt de neerwaartse sapstroom en sterft de boom. Bomen vellen kan voor liggend dood hout zorgen en je kan zelfs wind nabootsen door bomen om te duwen. Daarbij krijg je interessante biotopen in de rechtopstaande kluiten en de bijhorende kuilen. Soms blijven zo’n bomen zelfs verder leven. Ook door tijden het beheer kruinhout te laten liggen, zorgen we voor meer dood hout.

Houtstronk in het bos

Openingsuren & contact

Wonen & Omgeving

adres
Ieperstraat 1098840 Staden
Tel. tel.
051 70 82 01
Fax fax
051 70 42 86
e-mail

Deel deze pagina